Wist je dat de loopbandtest volgens een gestandaardiseerd protocol uitgevoerd dient te worden?

De loopbandtest, welke je invult in de Claudicatio vragenlijst, volgt een gestandaardiseerd protocol. Je vult in de vragenlijst dus niet een inschatting van loopafstand in. Het is belangrijk dit protocol te volgen om resultaten van de loopbandtest vergelijkbaar te houden binnen één patiënt met perifeer arterieel vaatlijden (PAV). Voor het monitoren van de vooruitgang is het namelijk van belang dat op elk meetmoment de loopbandtest op exact dezelfde manier wordt uitgevoerd. Om resultaten vergelijkbaar te houden tussen alle patiënten met PAV in Nederland, is het ook van belang dat iedereen de loopbandtest volgens hetzelfde protocol uitvoert.

De loopbandtest duurt maximaal 30 minuten. De test begint op een snelheid van 3,2 km/u en een hellingshoek van 0%. De hellingshoek wordt elke 2 minuten verhoogd met 2%, tot een maximum van 10%. Dus, na 10 minuten wordt de hellingshoek niet meer verhoogd. Het kan voorkomen dat de loopsnelheid van 3,2 km/u te hoog of te laag is voor een bepaalde patiënt. In dat geval mag de snelheid van de loopbandtest gewijzigd worden naar respectievelijk 2,0 of 4,4 km/u.

Indien het voor een patiënt niet mogelijk is om op de loopband te lopen, kan de loopbandtest ook niet worden uitgevoerd. In dit soort situaties is het goed een geschikte, alternatieve test voor de fysieke capaciteit te kiezen. Resultaten van deze test kunnen niet in de Claudicatio vragenlijst worden ingevuld.

Bij vragen over het uitvoeren van de loopbandtest, kan contact worden opgenomen via info@claudicationet.nl.